veelgemaakte schrijffouten

9 taaldillemma’s opgelost met deze praktische tips

Een foutje is zo gemaakt. Omdat je de verkeerde letter typt, of simpelweg omdat je de regels niet kent. Na het lezen van dit blog, maak je deze 9 veelvoorkomende schrijffouten niet meer. Natuurlijk met tips om de regels te onthouden of alternatieve woorden. Want waarom moeilijk doen als dat niet nodig is.

Wat is er nu zo erg aan zo’n schrijffout?

  • Veel lezers vinden fouten slordig. De aanname ontstaat dat je ook in je werk slordig bent.
  • Schrijffouten leiden af en verstoren de concentratie van je lezer. Daardoor krijgt je boodschap minder aandacht.
  • Sommige mensen raken zo geïrriteerd dat ze je tekst zelfs helemaal niet meer lezen.

Twijfel 1: Teveel of te veel?

Het kan allebei, maar de woorden hebben een andere betekenis. Dit ezelsbruggetje helpt je.

⇒ Is het een zelfstandig naamwoord dat je kunt vervangen door “overschot“?
Schrijf teveel dan aan elkaar  -> Het TEVEEL aan alcohol in zijn bloed. Blijf je twijfelen, gebruik dan een synoniem zoals overschot, overmaat, restant, surplus.

⇒ Kun je het vervangen door meer dan noodzakelijk of door te weinig?
Schrijf te veel als twee woorden. -> Hij heeft TE VEEL gedronken.

Twijfel 2: je wil of je wilt?

Het mag tegenwoordig allebei. Het is een onderscheid in stijl. Is jouw schrijfstijl informeel? Gebruik gerust je wil. In formele teksten gaat de voorkeur uit naar je wilt.

Belangrijk is dat je een keuze maakt en die consequent doorvoert in je teksten. Het staat slordig als je beide vormen door elkaar gebruikt.

Tip: leg een schrijfwijzer of stijlgids aan voor jezelf en leg daarin je keuzes vast. Evernote of OneNote zijn daar prima voor geschikt.

Twijfel 3: Ik hou van je of ik houd van je?

Ook hier mag je kiezen. Ik houd is de formele schrijfstijl (de stam van het werkwoord). En ik hou van je is informeel. Hou dezelfde keuze aan als je hebt gemaakt bij wil of wilt. Schrijf dus hou en wil of houd en wilt.

Leuk weetje: de informele schrijfwijze is niet nieuw. Eeuwen geleden kwam deze al voor in teksten van Hooft en Bredero (bron: Onze Taal).

Twijfel 4: Die of dat?

Het boek die ik lees? Nope. De regel is simpel.

  • Gebruik DIE voor de-woorden of meervoud.
  • Gebruik DAT voor het-woorden.

Ezelsbruggetje: die lijkt het meest op de.

Twijfel 5: Sowieso of zowiezo?

Zowiezo is sowieso fout. Er is maar één juiste schrijfwijze en dat is sowieso. Moeilijk te onthouden? Gebruik deze synoniemen: toch al, hoe dan ook, of in elk geval. Dan zit je sowieso goed.

Twijfel 6: BTW of btw

In dit voorbeeld gaat het niet over het letterwoord by the way, maar om *gruwel* Belasting Toegevoegde Waarde. Kijk maar eens op je facturen en ontdek de verschillende varianten: BTW, B.T.W., b.t.w. of btw. De laatste variant btw is goed geschreven.

Oma vertelt: Tot 2005 schreven we btw nog wel met hoofdletters. Nu schrijven we de meeste afkortingen die letter voor letter worden uitgesproken (initiaalwoorden) in kleine letters aan elkaar.

Twijfel 7: PS of P.S.

Je snapt zo waarom het woord meeste in twijfel 6 dikgedrukt staat. Hoera: een uitzondering op de regel. Want PS schrijven we wel met hoofdletters.  Latijnse begrippen hebben geen eenduidige regels. We schrijven bijvoorbeeld c.q. met puntjes maar cv zonder puntjes.

Voor PS gaan we weer kiezen:

  • Volg je de officiële spelling? Dat is de spelling die wettelijk is vastgelegd. Schrijf dan: PS
  • Volg je de spellingwijzer van Onze Taal? Schrijf dan: P.S.

Onthoud ook:

  • Er komt nooit een dubbele punt achter PS.
  • De keuze die je voor PS maakt, pas je ook toe voor NB.
  • Natuurlijk leg je je keuze vast in je schrijfwijzer.

Handig: Taalunie publiceert de woordenlijst van de officiële spelling. Onze Taal geeft taaladviezen op hun website.

Twijfel 8: Hun of hen

Logisch dat je twijfelt. Dus begin ik met de makkelijkste manier om onder dit dilemma uit te komen. Gebruik het woord ZE als dat mogelijk is.

Dit zijn de hoofdregels. Gebruik HEN:
1. Na een voorzetsel: Ik geef de chocolade aan hen.
2. Als lijdend voorwerp: Ik bewonder hen.

Gebruik HUN:
1. Om bezit aan te geven: dat is hun kat.
2. Als meewerkend voorwerp zonder voorzetsel: hij schonk hun een kopje koffie in.

Een uitgebreide uitleg -inclusief een lijst van honderden werkwoorden en uitdrukkingen in combinatie met hen of hun- staat op Onze Taal.

Twijfel 9: Dan of als

Is hij langer DAN mijn broer of is hij langer ALS mijn broer?

Gebruik DAN:
1. Bij de vergrotende trap: langer dan, meer dan, beter dan.
2. Na ander, andere of anders: het is een ander verhaal dan ik eerst dacht.

Gebruik ALS:
Bij vergelijkingen, bij net zo en bij even:

1. Hij is net zo knap als zijn vader.
2. Hij is even lang als mijn broer.
3. Ze is vier keer zo oud als mijn zus.

Niet over twijfelen

  • Twijfel je over een woord? Zoek dan een synoniem. Sla de site op als favoriet in je browser en je twijfels verdwijnen met een klik.
  • Maak je vaak d/t fouten? Lees dan het blog nooit meer een dt-fout.
  • Iedere dinsdag deel ik een taaltip op de Facebookpagina van Vlinderss. Klik op de Like button hieronder, dan verschijnt de tip op je Facebook tijdlijn. Zie ik je daar?

Fotocredits:
Fotolia bewerkt in Canva