Leestekens

Leestekens: gebruik ze goed (II)

In het eerste deel van dit blog schreef ik al over veelvoorkomende leestekens, zoals de komma, punt, dubbele punt en puntkomma. Denk je nu hoe zat dat ook alweer? Lees dan hier het eerste deel nog eens rustig terug. In dit tweede deel ga ik nader in op het gebruik van leestekens en hoofdletters in opsommingen, het gebruik van aanhalingstekens en vertel ik kort iets meer over een aantal minder bekende leestekens.

Leestekens en hoofdletters in opsommingen

Het is gebruikelijk om opsommingen puntsgewijs onder elkaar weer te geven. Maar hoe gebruik je leestekens en hoofdletters in opsommingen dan op de juiste manier?

Allereerst is het handig te weten dat er verschillende soorten opsommingen zijn met elk eigen richtlijnen. Ik zeg richtlijnen, omdat er niet echt dwingende regels zijn. Het gaat er vooral om dat je het gebruik van leestekens en hoofdletters consequent toepast. Een hele opluchting toch? ๐Ÿ˜Š Ook handig om te weten is dat je de inleidende zin van de opsomming altijd met een dubbele punt eindigt.

Welke soorten opsommingen zijn er dan?

Opsomming met hele zinnen

Bij deze soort opsomming start je elk nieuw punt met een hoofdletter en eindig je de zin met een punt (of vraagteken als het om vragen gaat).

Voorbeeld:
Observatie van de bejaarden vertelt ons het volgende:

  • Ze staan vroeg op.
  • Ze doen na het middageten een dutje.
  • Ze zijn rond het avondeten moe.

Opsomming met woordgroepen of delen van zinnen

Bij deze soort opsomming start je elk nieuw punt met een kleine letter en eindig je met een puntkomma. Behalve het laatste punt, die sluit je af met een punt.

Voorbeeld:
Bij elke opsomming is het van belang dat:

  • de opsommingspunten logisch volgen op de inleidende zin;
  • de juiste leestekens worden gebruikt;
  • het hoofdlettergebruik klopt;
  • de opsommingspunten dezelfde zinsstructuur hebben.

Opsomming met een enkel woord of een klein groepje woorden

Bij deze soort opsomming gebruik je helemaal geen leestekens.

Voorbeeld:
In dit artikel komen de volgende onderwerpen aan bod:

  • opsommingen
  • aanhalingstekens
  • minder bekende leestekens

Aanhalingstekens

Dit zijn leestekens die, meestal in paren, gebruikt worden om aan te geven dat een uitspraak, citaat of zin letterlijk wordt weergegeven (aangehaald). Afhankelijk van de taal en het medium kunnen aanhalingstekens verschillende vormen aannemen. Wij maken het meest gebruik van dubbele aanhalingstekens โ€œOโ€ en enkele aanhalingstekens โ€˜Oโ€™.

Dubbele of enkele aanhalingstekens
Er zijn verschillende adviezen hoe je met dubbele en enkele aanhalingstekens moet omgaan.

Vaak worden enkele aanhalingstekens gebruikt voor losse woorden, die om een bepaalde reden extra nadruk nodig hebben, bijvoorbeeld omdat het een zelfbedacht woord is. Voorbeeld:

  • Wij maken onderscheid tussen ‘luisterwoorden’ en ‘weetwoorden’.

Dubbele aanhalingstekens worden vaak gebruikt voor letterlijke citaten. Tegenwoordig wordt bij letterlijke citaten steeds meer gebruik gemaakt van enkele aanhalingstekens. Dit is een redactionele keuze en zeker niet fout. Wat je ook kiest: zorg er wel voor dat je consequent kiest voor het gebruik van dubbele of enkele aanhalingstekens.

Een paar andere richtlijnen m.b.t. aanhalingstekens:

  • Zorg dat de beginaanhalingstekens en de eindaanhalingstekens van hetzelfde type zijn.
  • Plak de aanhalingstekens vast aan hetgeen waar ze omheen staan. 
  • Wissel bij citaten binnen citaten de aanhalingstekens logisch af.
  • Gebruik geen aanhalingstekens om de nadruk te leggen op woorden of om gedachten weer te geven.

Minder bekende leestekens

Tot slot vertel ik kort nog even iets over wat minder bekende leestekens en hoe je deze vindt op je toetsenbord.

Accent circonflexe (^)

Dit leesteken noemen we ook wel een dakje. Op je toetsenbord vind je hem door shift + 6 in te toetsen. In de huidige Nederlandse spelling wordt de accent circonflexe uitsluitend gebruikt bij Nederlandse woorden met een Franse herkomst. Denk bijvoorbeeld aan enquรชte, crรชpe of maรฎtresse.

Ampersand (&)

Dit leesteken noemen we ook wel het en-teken. Op je toetsenbord vind je hem door shift + 7 in te toetsen. Het &-teken is een ligatuur. Dat betekent eigenlijk niets meer dan dat het een symbool is dat is ontstaan uit twee andere letters. In dit geval de e en de t.

Divisie (-)

Een divisie is een smal liggend streepje, dat we gebruiken als afbreek- of koppelteken, of als weglatingsstreepje (zoals je hiervoor al hebt kunnen zien). Op je toetsenbord vind je hem rechts van de 0. Dit is overigens het meest gebruikte en het kleinste liggende streepje.

Kastelijn (โ€“)

Dit leesteken wordt ook wel het gedachtestreepje genoemd. Het heeft geen aparte plek op je toetsenbord. Je vind het door ctrl + -(op het numerieke toetsenbord) te gebruiken. Het gedachtestreepje wordt onder meer gebruikt om een nieuwe, onverwachte of zijdelingse gedachte binnen een zin te markeren. Ik zwem graag in zee โ€“ behalve als het vriest natuurlijk. Of om zinnen die los van het zinsverband staan, maar wel een rol spelen in het verhaal weer te geven. Mijn man en ik โ€“ we zijn nu 8 jaar samen โ€“ verwachten deze zomer ons eerste kindje. Je zou deze zin ook tussen twee kommaโ€™s kunnen plaatsen, maar de gedachtestreepjes geven nรฉt wat meer nadruk op de zin. Gebruik altijd een spatie voor en na dit streepje.

Sluisteken (|)

Dit wordt ook wel pipe of verticaal streepje genoemd. Op je toetsenbord maak je dit teken door shift + \ (toets onder backspace) te gebruiken. Dit teken wordt gebruikt in Unix (een besturingssysteem in computers) om de output van de ene regel als input voor een andere regel te gebruiken, oftewel, ‘to pipe them together’. In de wiskunde wordt het sluisteken gebruikt om een absoluut cijfer aan te geven en om waarschijnlijkheden te scheiden.

Hoekankers (< >)

Ook wel punthaken genoemd. Je kent ze misschien als de kleinerdan- en groterdantekens: < >. Je vindt deze tekens op je toetsenbord rechts van de m en je maakt ze door shift + , en shift + . De hoekankers worden vooral gebruikt bij HTML-tags.

Teksthaken ([ ])

Ze worden ook wel rechte of vierkante haken genoemd. Op je toetsenbord vind je deze toetsen rechts van de p. Vierkante haakjes worden vooral gebruikt om toevoegingen binnen een geciteerde of vertaalde tekst te markeren. Een voorbeeld hiervan is de toevoeging [cursivering door de redactie]. Vierkante haken worden ook gebruikt om iets tussen haakjes te zetten in een zin die al tussen ronde haken staat.

Beletselteken (โ€ฆ)

Ook wel gedachtepuntjes genoemd. Dit teken heeft geen eigen toets op het toetsenbord. Je maakt hem gewoon door drie keer de punt in te toetsen (โ€ฆ). Je gebruikt dit teken om een onderbreking in je tekst aan te geven, bijvoorbeeld om een pauze in te lassen om zo spanning op te bouwen, om een deel van een citaat of opsomming weg te laten of om de lezer zelf de tekst aan te laten vullen. Gebruik je een beletselteken binnen een citaat? Plaats de puntjes dan tussen teksthaken.

Oh jaโ€ฆ

Je hebt nog het antwoord tegoed op drie vragen die ik in eerste deel stelde. ๐Ÿ˜Š

1. Komt er een punt als de zin eindigt op een afkorting?
Nee, aan het einde van de zin komt maar รฉรฉn punt; als de zin op een afkorting met een punt eindigt, vervalt de zinseindepunt.

2. Hoeveel gedachtepuntjes gebruik je?
Het antwoord op deze vraag heb je hierboven kunnen lezen bij het beletselteken.

3. Is het een goed idee om drie uitroeptekens achter elkaar te zetten?
Nee, het gebruik van veel uitroeptekens kan, net als het gebruik van hoofdletters, erg schreeuwerig overkomen. Beter is het dus om dit achterwege te laten. Ook als je overtuigend over wilt komen.

Geen blog meer missen?
Schrijf je dan hieronder in en ontvang Vlinderss in je mailbox.

Photo credit: Adobe Stock